Cupido 31 en 29, West-Terschelling, Havenplein, 2 november 1968; foto: D. Stapersma


Cupido 25-31 (1966):

Zoals uit de vorige twee afleveringen al bleek reden de overgebleven bussen van de rechtse besturing begin 1966 op hun laatste benen. Alleen de Cupido 2 van die serie kon het nog iets langer uithouden, maar vervanging van het materieel was dringend geboden.
Nogmaals wendde Cupido zich tot Maarse & Kroon in Aalsmeer. Daar stroomde vanaf tweede helft 1965 en de maanden daarna een grote serie nieuwe bussen in (voor de kenners: de serie 401-424). Hierdoor kwamen oudere bussen beschikbaar voor verkoop.
Zo kwamen ook de Holland Coachen uit 1953 vrij (serie 145-156). Cupido nam hiervan in maart 1966 een zestal over voor de diensten op het Waddeneiland. Op 17 maart 1966 werden hiervan 5 bussen tegelijk overgebracht van Aalsmeer naar Harlingen. MK-chauffeur en tevens hobbyist Kees v.d. Zwaard was aanwezig bij dit transport en legde e.e.a. vast.
In de dagen erna werden de bussen naar Terschelling overgebracht. De eerste twee op een platte dekschuit, de overigen met de normale veerboot, al staken ze wel uit aan de zijkant.
Cupido nam van M&K de wagens 147-148-149-150-152-153 over, die bij het Terschellinger bedrijf de nummers 25-30 kregen. Ondanks het feit dat alle wagens al meer dan een miljoen kilometer op de teller hadden staan, waren het betrouwbare bussen met een Leyland motor en een opbouw van Verheul.
 
Aangekomen op Terschelling werden de wagens gelijk in de Cupido-kleuren gebracht en een voor een op de dienst ingezet. Zo werden ook, net als dat ook gebeurde bij de bussen van de rechtse besturing, de eerste twee banken direct achter de chauffeur verwijderd om ruimte te hebben om bagage te bergen.
De oude wagens van de rechtse besturing konden toen worden afgevoerd, met uitzondering van de Cupido 2, die het nog uithield tot na de zomer van 1966.De zomerdienst van 1967 werd daarom uitgevoerd met de 6 “nieuwe” Holland Coachen, wat toen maar net lukte, gelet op het vervoersaanbod.
 
Het hele jaar werd de stamlijn tussen West-Terschelling en Oosterend bereden, waarbij de aansluiting op de bootdiensten een belangrijk gegeven was (en nog steeds is!). Daarnaast werden 2 seizoenlijnen bereden richting het strand en de daar gelegen zomerhuisjes. De ene seizoenlijn liep van West-Terschelling via Halfweg direct naar Paal-8 (West aan Zee) over de in 1957 opnieuw aangelegde Badweg. De andere seizoenlijn verbond West-Terschelling met Midsland a/Zee via Midsland.
In het voorjaar van 1968 kwam er een verbindingsweg tussen Paal-8 en Midsland a/Zee gereed. Cupido wijzigde toen de loop van de twee seizoenlijnen door ze te koppelen.
Dat gebeurde echter periode gebonden. In voor- en naseizoen werd er een ring gereden van West – Midsland - Midsland a/Zee - Paal-8 – West-Terschelling of omgekeerd, terwijl in het hoogseizoen de beide strandeindpunten rechtstreeks werden bereden, maar weer uitgezonderd de vroege en late ritten. E.e.a. was echter goed afgestemd op de praktische vraag en nog steeds geheel in licht van het motto van oprichter Aike Cupido: de dienst moet doorgaan. Vanwege landelijke richtlijnen waren er langs alle lijnen halten en halteborden aangebracht, maar de chauffeurs stopten nog steeds voor iedereen die de hand opstak c.q. een witte vlag langs de weg zette.
 
Na de zomer van 1967 bleek wagen 28 technisch toch niet meer zo best en werd terzijde gesteld in de garage in de Burg. Eschauzierstraat. Hij werd op die manier onderdelenleverancier voor de rijdende exemplaren. De vijf overige bussen waren voldoende om de winter door te komen. Doorgaans reden er wisselend 3 wagens “in de belasting”.
Om voor de zomer van 1968 weer zes bedrijfsvaardige bussen te hebben kocht men van M&K op 15 mei 1968 de 157. Die was beschikbaar gekomen omdat het Aalsmeerse bedrijf nog meer nieuwe bussen erbij had gekregen. De 157 kreeg bij Cupido het parknummer 31. Deze bus was bijna geheel gelijk aan de andere Holland Coachen, alleen was hij 2 jaar jonger (van 1955).
 
Holland Coach 26 was begin 1969 na de 28 de volgende die technisch het loodje legde en kwam naast zijn soortgenoot in de hiervoor genoemde garage te staan. Het tekort aan beschikbare autobussen werd dat jaar op een andere wijze opgevangen; hierover in de volgende aflevering meer. Daarin zal ook worden aangegeven wat er met de overgebleven vijf Holland Coachen gebeurde.
 
Bij deze aflevering ook enige documenten die betrekking hebben op de tijd dat deze bussen op Terschelling dienst deden, zoals dienstregelingen, tarieven en een brief over het postvervoer dat per bus plaatsvond.
Maar ook een wijziging van de tenaamstelling van het bedrijf, aangezien Jelle Cupido in 1968 plotseling overleed. Zijn vrouw nam toen de leiding over, samen met haar zoon en schoonzoon, en terzijde gestaan door zwager Henk.

* onderstaande afbeeldingen zijn vrij voor privégebruik. Voor ander gebruik neem contact op.